dinsdag 11 oktober 2016

MO2 integratie van de module-opdracht

De opdracht bij deze module luidt:

kies binnen de 5 praktijken van mensen ontwikkelen en op basis van een beknopte analyse in de eigen schoolpraktijk (vragenlijst onderzoekende cultuur  / netwerkanalyse een leiderschapspraktijk die ik verder wil ontwikkelen. 
De 5 praktijken zijn:
1)     Ondersteuning bieden en rekening houden met / ruimte geven aan individuele teamleden,
2)     Stimuleren van ontwikkeling van de professionele capaciteit van het team / teamleden,
3)     Een rolmodel zijn voor leraren, leerlingen/ studenten en ouders op het gebied van de waarden van de school, en gewenste onderwijspraktijken,
4)     Bouwen aan relaties op basis van vertrouwen met en binnen het team, leerlingen / studenten en ouders,
5)     Bouwen aan relaties met de omgeving .

Bovenstaande aspecten zijn vertaald in een zin:
De MLE-er voorziet in de ondersteuning en bekommert zich om individuele medewerkers. Hij bevordert de professionele ontwikkelingvan de medewerkers en bouwt aan vertrouwensvolle relaties tussen teamleden, leerlingen en met ouders en de schoolomgeving. Hij is voorbeelding tav de waarden van de school.

De focus ligt op het versterken van de onderzoekende cultuur.
Voeren van de professionele dialoog.

Daarbij benoemen van een ontwikkeldoel, gericht op het versterken van de onderzoekende cultuur dat betrekking heeft op:
×        het leiding geven aan ontwikkeling van de onderzoekende cultuur in het team of
×        het ontwikkelen van relaties in / van het team met de omgeving,
Uit de doelomschrijving blijkt tevens een relatie met de ontwikkeling van de eigen professionele identiteit als leider.
Voer tijdens de looptijd van de module interventies uit in en met het team om het ontwikkeldoel te realiseren, leg de interventies en de resultaten daarvan vast in een . Reflecteer diepgaand op de ervaringen, de kennisontwikkeling en de leiderschapsidentiteit. 

++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

verkorte netwerkanalyse
de school wil een netwerkorganisatie zijn. Deze organisatie is 3 dimensionaal opgebouwd, duidelijk herkenbaar in een visualisatie: leergemeenschap, professionele leergemeenschap  en maatschappelijke leergemeenschap. Deze organisatievorm biedt een duidelijk kader, waarbinnen leerkrachten autonoom kunnen handelen en waarbinnen ik  probeer urgente vragen te stellen die iedereen: leerlingen, professionals en stakeholders, uitnodig om een onderzoekende houding aan te nemen. De plek in de organisatie die leerkrachten kunnen innemen is direct verbonden met de eigen interesse / focus, waarmee ik wil voldoen aan het tegemoet komen van ruimte bieden aan de eigen ontwikkeling (Leithwood praktijk 1). Door onderlinge samenhang te duiden en te stimuleren, elkaar op te laten zoeken, elkaar van feedback te voorzien en het stimuleren van kritische reflectie (op alle drie de dimensies) werk ik aan de ontwikkeling van de professionele capaciteit (Leithwood praktijk 2).Ik wil mezelf kwetsbaar opstellen door ook een onderzoekende houding aan te nemen, nieuwe dingen uit te proberen en vooral ook te doen wat ik zelf moeilijk vind; feedback geven vanuit een onprettig gevoel (irritatie). Op deze manier denk ik een rolmodel te zijn voor leraren, leerlingen en ouders op het gebied van de waarden van de school, en gewenste onderwijspraktijken die erop gericht zijn onderzoekend en ontwerpend te leren (Leithwood praktijk 3). Bouwen aan realties op basis van vertrouwen mag wellicht sterker worden neergezet (Leithwood praktijk 4). Het gaat hierbij niet om geen vertrouwen in mijn persoon (Zenger en Folkman), maar meer in het meer duidelijk stellen van doelen en harde afbakeningen in tijd. Dit pas ook bij mijn wens om duidelijke verwachtingen te uiten t.a.v. de gewenste resultaten. Dit kan breed gezien worden: waarneembaar gedrag, waarneembare producten, effectieve processen en effecten van het leerproces van leerlingen. Er zijn duidelijke IK’s aan de school verbonden met een personeelslid als makelaar. O.a. via deze manier wordt gewerkt met de omgeving. Ook het onderwijs vindt buiten de eigen onderwijsplek plaats. De lessen worden op meerdere locaties gegeven, passend bij de inhoud, op zoek naar gedeelde passie en gerichtheid tussen de ‘onderwijzer (kan ook een externe zijn) en de leerlingen. De school bouwt stevig aan de relaties met de omgeving (Leithwood 5).

Uit deze analyse blijkt dat praktijk 4 meer dan de andere praktijken om aandacht vraagt.
Ik kies dan ook om verder uit te werken leiderschapspraktijk 4:
Bouwen aan relaties op basis van vertrouwen met en binnen het team, leerlingen en ouders.

klein onderzoek
is uitgewerkt in de eindopdracht.

uiteindeijke (lange termijn) doel:
leerkrachten die O&O wijze lesgeven, aan de hand van de leerlijnen en leerlingen hierbij van juiste feedback voorzien.

Samengevat de opdracht vanuit de module naar mezelf geintegreerd:
Door leiding te geven aan ontwikkeling van de onderzoekende cultuur in het team wil ik bouwen aan relaties op basis van vertrouwen.

Het ontwikkeldoel
Het team is meer op de hoogte van de effecten van feedback op het leren van mensen (leerlingen en volwassenen) binnen een onderzoekende cultuur.
Ik moet leren op een afgestemde manier feedback te geven op waarneembaar gedrag, waarbij ik mijn eigen voices constructief in weet te zetten, om hiermee een gedragsverandering bij een leerkracht tot stand te brengen.
Daarnaast wil ik voorbeeldgedrag tonen, richting de leerlingen, leerkrachten en omgeving, waarmee ik in eerste instantie de leerkrachten wil aanzetten onderzoekende cultuur (onderzoekend en ontwerpend leren) verder vorm te geven.
De focus zal steeds zijn: het geven van feedback

interventies
Interventies die hier tot nu toe op gericht zijn geweest zijn ook toepast op het driedimensionale van de inrichting van de organisatie: leergemeenschap, progessionele leergemeenschap en maatschappelijke leergemeenschap.
×        Leergemeenschap: ik heb zelf lessen uitgeprobeerd aangaande onderzoekend en ontwerpend leren: austin’s butterfly, thema herfst,  prinsjesdag, Amerikaanse verkiezingen.
×        Professionele leergemeenschap:
×        drie team overleggen
1)     ‘de streep’, effect voelen van (geen) doelen stellen, (beperkte) instructie, (nauwelijks) feedback, eigen zoektocht naar ‘hoe moet het?’
2)     koppeling naar eigen gedrag, wat maakt het laten zien van filmpjes los, eigen zoektocht naar ‘wat voel ik’.
3)     Koppeling specifieker gemaakt naar feedback. Tonen van een filmpje: effecten van coachend gedrag:’ wat doe ik?’
Dialoog met leerkracht: gesprek over platformleiderschap.
-        Maatschappelijke leergemeenschap: IK: benoemen makelaar voor IK jonge kind:


Voor deze module ga ik de teamdialoog verder uitwerken t.a.v het onderzoeken van wat de kennis is aangaande feedback voortvloeiend uit de conclusie bij het klein onderzoek.


1 opmerking:

  1. Jolanda, met veel bewondering lees ik je laatste blogberichten. De beschrijving van je gedachten, overwegingen en conclusies laten een mooie ontwikkeling zien. In dit laatste bericht kom je tot een soort conclusie met betrekking tot je eigen rol, wat mij betreft een prachtig ontwikkeldoel voor Mensen Ontwikkelen (zowel naar jezelf als naar je team). De volgende vraag zou ik je willen meegeven: Hoe zou het zijn als je de 'voices' die je ervaart zou mogen benoemen in plaats van vermijden (zowel die van jezelf, als die van de ander) in een feedbackgesprek?

    BeantwoordenVerwijderen